|
AORTA 2012 |
|
|
|
|
|
Datum: |
3 mei 2013 |
|
Versie: |
6.10.0.1 |
|
Referentie: |
|
|
|
|
Nictiz is het landelijke
expertisecentrum dat ontwikkeling van ICT in de zorg faciliteert. |
1 Inleiding.............................................................................................. 5
1.1 Doel en scope.......................................................................................... 5
1.2 Doelgroep voor dit document...................................................................... 5
1.3 Documenthistorie...................................................................................... 5
1.4 Legenda.................................................................................................. 5
2 Dynamisch model............................................................................... 8
2.1 Storyboard REPC_ST004001NL - Opvragen PS................................................ 8
2.1.1 Interactiediagram Opvragen PS.................................................. 8
2.2 Storyboard REPC_ST004002NL - Versturen WB............................................... 9
2.2.1 Interactiediagram Versturen WB................................................. 9
3 Interacties........................................................................................ 11
3.1 Interactie QUPC_IN990001NL - Opvragen-PS................................................ 11
3.1.1 Berichtwrappers..................................................................... 11
3.2 Interactie QUPC_IN990002NL - PS-bericht.................................................... 11
3.2.1 Berichtwrappers..................................................................... 12
3.3 Interactie REPC_IN990003NL - Waarneembericht........................................... 13
3.3.1 Berichtwrappers..................................................................... 13
4 Applicatierollen................................................................................ 15
4.1 Applicatierol QUPC_AR990001NL - Patiëntgegevensraadplegend systeem............ 15
4.2 Applicatierol QUPC_AR990002NL - Bronsysteem patiëntgegevens...................... 15
4.3 Applicatierol REPC_AR990001NL - Patiëntgegevensversturend systeem.............. 15
4.4 Applicatierol REPC_AR990002NL - Patiëntgegevensontvangend systeem............. 15
5 Trigger Events.................................................................................. 17
5.1 Trigger Event QUPC_TE990001NL - Opvragen-PS........................................... 17
5.2 Trigger Event QUPC_TE990002NL - Versturen PS........................................... 17
5.3 Trigger Event REPC_TE990003NL - Versturen WB.......................................... 17
Bijlage A Referenties............................................................................ 18
Bijlage B Overzicht interacties............................................................ 19
Bijlage C Overzicht gebruikte vocabulaire......................................... 20
Bijlage D Overzicht gebruikte OID’s................................................... 21
Bijlage E Overzicht toepassingspecifieke wsdl’s.............................. 22
Bijlage F Voorbeeldberichten.............................................................. 23
Dit document beschrijft de implementatieregels voor de HL7 versie 3 interacties ten behoeve van communicatie bij acute waarneming.
Voor communicatiemomenten tijdens de huisartswaarneming (een ‘interactie’ in HL7-termen) wordt in deze handleiding een beschrijving gegeven van het proces en de gegevens die een rol spelen bij de uitwisseling. Doel is het dusdanig beschrijven van de HL7-interacties dat een eenduidige implementatie door softwareleveranciers mogelijk wordt.
Huisartswaarneemgegevens (Hwg) is één van de zorgtoepassingen binnen AORTA, de nationale basisinfrastructuur voor de zorg. Huisartswaarneemgegevens omvat de gegevensuitwisseling tijdens acute waarneming tussen huisartsenposten en huisartsen of tussen huisartsen onderling, zodat een huisarts(en post) middels de Professionele Samenvatting (PS) inzage heeft in de essentiële gegevens uit het patiëntendossier van de patiënt. Omgekeerd moeten de gegevens van het contact bij de huisartsenpost teruggekoppeld kunnen worden in het dossier van de huisarts (het zogenaamde Waarneemverslag (WV)).
Dit document vormt de handleiding bij de implementatie van berichten t.b.v.:
· verzoek om PS door waarnemer
· opleveren van PS door dossierhouder(s)
· verzenden van WV door waarnemer aan vaste huisarts
De doelgroep bestaat uit productmanagers en softwareontwikkelaars van informatiesystemen die de gegevensuitwisseling in de eerste lijn via AORTA willen implementeren.
|
Versie |
Datum |
Omschrijving |
|
6.10.0.0 |
12-okt-2011 |
Geherstructureerde versie van v6.0.5.0. |
|
|
12-okt-2011 |
RFC 43229: Beschrijving hoe een ontvanger van een waarneembericht om moet gaan met de volgende situaties: 1. Ontvangen van een waarneembericht voor een onbekende patiënt; 2. Ontvangen van een waarneembericht dat al eerder is ontvangen. |
|
6.10.0.1 |
3-mei-2013 |
Verwerking erratum 3 oktober 2012 |
Er worden in de implementatiespecificaties bij de berichtspecificaties regelmatig de volgende symbolen gebruikt:
|
|
Let op! Dit is een aandachtpunt. Een opmerking die de aandacht vestigt op een bepaald opvallend aspect. |
|
|
Dit is een ‘open issue’ of ‘known issue’. Een kwestie die nog open ligt voor discussie, maar onderkend is. |
|
|
Dit is een frequently asked question (FAQ) met antwoord.
|
De specificatie van een bericht wordt aan de hand van de XML-structuur van het bericht beschreven. In de volgende tabel worden alle onderdelen van het bericht beschreven in de volgorde van hun voorkomen in het bericht.
|
Element: IdentifiedPerson |
|||||
|
Pad: RegistrationProcess/subject1 |
|||||
|
Subelement |
DT |
Kard |
C |
LBA |
Definitie |
|
@classCode |
CS |
1..1 |
M |
|
Bevat de elementklasse. |
|
CONF Bevat de vaste waarde “ASSIGNED” |
|||||
|
id |
II |
1..* |
M |
BSN |
Bevat één of meer identificaties van de persoon.
|
|
CONF Er moet een element id zijn met het burgerservicenummer in het attribuut @extension en met de OID “2.16.840.1.113883.2.4.6.3” in het attribuut @root |
|||||
|
addr |
AD |
0..* |
C |
Adres |
Bevat het adres van de persoon. |
|
CONF Het adrestype moet, indien bekend, worden gecommuniceerd in het attribuut @use |
|||||
|
... |
|
|
|
|
|
Element – een XML-element van een interactie, een ‘contextnode’ zoals die in de XML-structuur van de interactie voorkomt. Element komt in het model (D-MIM / R-MIM) overeen met een klasse (Role, RoleLink, Entity, Act, ActRelationship, Participation)
Pad – XPath-expressie. Hiërarchisch pad tot en met het element boven het eigenlijke element, de zogenaamde parent node. Er worden geen volledige en geen absolute paden gegeven, omwille van bondigheid en omdat elementen ook op allerlei plaatsen hergebruikt kunnen worden. Als het element het root element betreft dan is het pad leeg. Als het element een onderdeel van de Transmission Wrapper betreft, begint het pad met “<interactionId>/…”. Als het element een onderdeel van de Control Act Wrapper betreft, dan begint het pad met “ControlActProcess/…”. Als het element een deel van het Message Type (Payload) of een Common Message Element Type (CMET) betreft dan begint het pad met het eerste element van dat Message Type/die CMET “RegistrationProcess/…”.
Subelement – onderdeel van het element dat in deze tabel beschreven wordt. Een onderdeel kan in XML een attribuut of een element zijn. Onderdelen die beginnen met een @ zijn een XML-attribuut; de overige onderdelen zijn een XML-element.
DT – definieert het datatype van het onderdeel. Zie [HL7v3 IH Basis] voor meer informatie over datatypen.
Kard - definieert de kardinaliteit van het onderdeel. Dit bepaalt het aantal keer dat het onderdeel mag/moet voorkomen. Zie [HL7v3 IH Basis] voor meer informatie over kardinaliteit.
C
- definieert de conformiteit van het attribuut.
M - mandatory (vereist)
R - required (verplicht
ondersteunen)
O - optioneel
C - conditioneel verplicht
X - het onderdeel mag voorkomen, maar wordt niet meegenomen in de verwerking van de interactie
NP - niet toegestaan (not permitted) betekent dat het onderdeel niet mag voorkomen (en ook niet aanwezig is in het onderliggend schema).
LBA - logisch berichtattribuut.
Logische berichten en hun attributen zijn in [Ontw Hwg]
beschreven. Wanneer het LBA niet ingevuld is betekent dit dat er geen
overeenkomstig attribuut in het ontwerp beschreven is.
Definitie – definitie van de functie van het onderdeel
CONF Iedere subelementrij wordt gevolgd door een rij met nul of meer conformanceregels.
In dit hoofdstuk worden de storyboards en de bijhorende interactiediagrammen beschreven. Dit hoofdstuk bevat alle storyboards waarop de berichten in deze handleiding zijn gebaseerd. Het interactiediagram voor aanmelden/heraanmelden/afmelden gegevens is beschreven in [HL7v3 IH VWI] en wordt hier niet nogmaals getoond en beschreven; zie voor aanmelden ook [HL7v3 DS Primary Care].
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract Interactions
Doel: Digitaal faciliteren van de informatie-uitwisseling tussen (vaste) huisarts en waarnemer in geval van acute waarneming.
De uitwerking van de storyboard REPC_ST004001NL is weergegeven in onderstaand interactiediagram.

Figuur 1 Interactiediagram REPC_ST004001NL
Pre-conditie
Er is een patiënt bij een waarnemer gekomen, of de patiënt neemt telefonisch contact op met de waarnemer. Van deze patiënt zijn (mogelijk) huisartsgegevens aangemeld bij de verwijsindex.
Activiteiten
Het diagram geeft de berichtuitwisselingen weer die onderdeel uitmaken van de volgende stappen:
1. De waarnemer vraagt via zijn systeem een PS op bij de Zorg Informatie Makelaar (ZIM) (QUPC_IN990001NL).
2. De ZIM zet de vraag door naar alle Huisartsinformatiesystemen (HIS) die gegevens van deze patiënt hebben aangemeld (QUPC_IN990001NL).
3. De HIS-en reageren met het verzenden van de PS waarin de belangrijkste gezondheidsproblemen zijn opgenomen (QUPC_IN990002NL).
4. De ZIM bundelt de antwoorden in een batch en retourneert het antwoord naar het systeem van de waarnemer.
Interactielijst
In de onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de interacties die de storyboard REPC_ST004001NL ondersteunen.
Tabel 1 Overzicht interacties voor storyboard REPC_ST004001NL
|
Nederlandse berichtnaam |
HL7v3 gestructureerde interactienaam |
HL7v3 interactienaam |
|
Opvragen-PS |
Primary Care EHR Extract Query |
|
|
PS-bericht |
Primary Care EHR Extract NL |
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care Locum Report
Doel: Digitaal faciliteren van de informatie-uitwisseling tussen (vaste) huisarts en waarnemer in geval van acute waarneming.
Het interactiediagram voor aanmelden gegevens is beschreven in [HL7v3 IH VWI] en wordt hier niet nogmaals getoond en beschreven; zie voor aanmelden ook [HL7v3 DS Primary Care].
De uitwerking van de storyboard REPC_ST004002NL is weergegeven in onderstaand interactiediagram.

Figuur 2 Interactiediagram REPC_ST004002NL
Pre-conditie
Er is een patiënt bij een waarnemer gekomen. De waarnemer heeft de patiënt onderzocht en er is een waarneemverslag opgesteld.
Activiteiten
Het diagram geeft de berichtuitwisselingen weer die onderdeel uitmaken van de volgende stappen:
1. De waarnemer verstuurt het waarneemverslag naar het HIS van de vaste huisarts van de patiënt (REPC_IN990003NL).
2. Het systeem van de waarnemer ontvangt een ontvangstbevestiging (MCCI_IN000002) van het HIS van de vaste huisarts van de patiënt.
Om een waarneemverslag te kunnen verzenden moet het adres van het HIS van de vaste huisarts van de patiënt bekend zijn. Dit applicatieId kan uit de PS gehaald worden (applicatieId van sender) of door het achterhalen middels een Zorgadresboek- en Applicatieregisterbevraging op basis van naam en/of adres van de vaste huisarts.
De waarnemer dient, hoe dan ook, de vaste huisarts te informeren over de bevindingen tijdens het waarneemcontact middels een waarneemverslag.
Alternatief scenario 1:
Het waarneembericht kan niet worden verstuurd naar de vaste huisarts. Het systeem van de waarnemer mag nu bij de verwijsindex aanmelden dat het een waarneemverslag beschikbaar heeft of de vaste huisarts via een andere weg informeren. Indien voor aanmelden wordt gekozen, worden ook deze gegevens aangemeld volgens hetgeen beschreven in [HL7v3 DS Primary Care]. Dit aangemelde “waarneemverslag” kan als PS worden opgevraagd bij het systeem van de waarnemer.
Alternatief scenario 2:
Wanneer een waarneemverslag wordt ontvangen (REPC_IN990003NL) voor een patiënt die niet voorkomt in het systeem van de vaste huisarts dan wordt in de ontvangstbevestiging (MCCI_IN00002) een foutcode KEY204 meegegeven (acknowledgementDetail.code met OID 2.16.840.1.113883.5.4).
Alternatief scenario 3:
Voor de ontvanger van het WB is het een vereiste dat gecontroleerd wordt op duplicaten. Dat wil zeggen dat het HIS in staat moet zijn om de unieke identificatie van het WV (of de onderliggende activiteiten) uit het WB te herkennen, zodat voorkomen wordt dat elementen uit het WV dubbel in het dossier van de huisarts terecht komen.
Dit betekent dat het ontvangende systeem de id’s van het waarneemcontact (en de onderliggende activiteiten) moet opslaan.
N.B Volgens het [PvE Hwg] mag er pas een foutmelding gegeven worden als het originele bericht 'verwerkt' is. Een bericht is pas 'verwerkt' wanneer de verwerking compleet afgerond is, dit is inclusief (een poging om) het antwoordbericht (MCCI_IN000002) te versturen. Er mag dus geen duplicate error (KEY205) worden teruggemeld *voordat* de verwerking van het eerste bericht compleet is afgerond.
Postconditie
De dienstdoende huisarts heeft het waarneemverslag verstuurd naar het HIS van de huisarts van de patiënt of aangemeld bij de verwijsindex.
Interactielijst
In de onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de interacties die de storyboard REPC_ST004002NL ondersteunen.
Tabel 2 Overzicht interacties voor storyboard REPC_ST004002NL
|
Nederlandse berichtnaam |
HL7v3 gestructureerde interactienaam |
HL7v3 interactienaam |
|
Waarneembericht |
Primary Care Locum Report NL |
|
|
Ontvangstbevestiging |
Accept Acknowledgement |
In dit hoofdstuk worden de zorgtoepassingspecifieke interacties beschreven. De berichtinhoud (de ‘payload’) wordt bepaald door het message type.
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract Query
Vanuit de waarneming een PS bij een huisarts opvragen. Dit kan ook een aangemeld waarneemverslag van de CHP zijn als gevolg van alternatief scenario 1 in §2.2.1.
Samenstelling interactie
|
|
HL7v3 gestructureerde naam |
HL7v3 naam |
|
Trigger Event |
Primary Care EHR Extract Query |
|
|
Transmission Wrapper |
Send Message Payload |
|
|
Control Act Wrapper |
Query Control Act Request : Query By Parameter |
|
|
Message Type |
Zendende en ontvangende rollen
|
|
HL7v3 gestructureerde naam |
HL7v3 naam |
|
Sender |
Primary Care EHR Extract Query Placer |
|
|
Receiver |
Primary Care EHR Extract Query Response Provider |
Verantwoordelijkheden ontvanger
|
Reason |
Trigger Event |
HL7v3 interactienaam |
|
Beantwoorden query met opleveren PS-bericht |
Zie [HL7v3 IH Wrp] voor de generieke implementatierichtlijnen. Voor enkele elementen geldt een specifieke implementatierichtlijn. Deze wordt hieronder beschreven.
|
Element: …/queryByParameter |
|||||
|
Pad: |
|||||
|
Subelement |
DT |
# |
C |
LBA |
Omschrijving |
|
responsePriorityCode |
CS CNE |
1..1 |
M |
|
Dit onderdeel wordt gebruikt om het tijdsframe aan te geven waarbinnen het antwoord wordt verwacht. |
|
CONF @code moet de waarde “I” bevatten. |
|||||
|
responseModalityCode |
CS CNE |
1..1 |
M |
|
Definieert de timing en groepering van de antwoordberichten. |
|
CONF @code moet de waarde “R” bevatten. |
|||||
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract NL
Een PS sturen naar de waarnemer als antwoord op een query van de waarnemer.
Samenstelling interactie
|
|
HL7v3 gestructureerde naam |
HL7v3 naam |
|
Trigger Event |
Primary Care EHR Extract Query Response |
|
|
Transmission Wrapper |
Application Level Acknowledgement |
|
|
Control Act Wrapper |
Query Control Act Response / Acknowledgement |
|
|
Message Type |
Zendende en ontvangende rollen
|
|
HL7v3 gestructureerde naam |
HL7v3 naam |
|
Sender |
Primary Care EHR Extract Query Response Provider |
|
|
Receiver |
Primary Care EHR Extract Query Placer |
Zie [HL7v3 IH Wrp] voor de generieke implementatierichtlijnen. Voor enkele elementen geldt een specifieke implementatierichtlijn. Deze wordt hieronder beschreven.
|
Element: AssignedDevice |
|||||
|
Pad: ControlActProcess/authorOrPerformer/participant/ |
|||||
|
Subelement |
DT |
# |
C |
LBA |
Omschrijving |
|
id |
II |
2..* |
M |
|
Dit onderdeel wordt gebruikt om aan te geven wie de zender is (middels UZI) en wat de applicatie (middels applicatieId) van de zender is. |
|
CONF Er moet tenminste één element AssignedDevice\id zijn met het UZI-nummer in het attribuut @extension en met de OID “2.16.528.1.1007.3.1” in het attribuut @root en CONF er moet tenminste één element AssignedDevice\id zijn met het applicatieId in het attribuut @extension en met de OID ‘2.16.840.1.113883.2.4.6.6’ in het attribuut @root. |
|||||
|
overseer |
|
0..1 |
X |
|
Gebruik van gemandateerde is niet toegestaan. |
|
Element: MCCI_MT000300 |
|||||
|
Pad: - |
|||||
|
acceptAckCode |
CS |
1..1 |
M |
|
Dit onderdeel wordt gebruikt om aan te geven of de zender van de interactie een ontvangstbevestiging wil ontvangen. |
|
CONF @code moet de waarde “NE” bevatten |
|||||
|
attentionLine |
|
1..1 |
NP |
|
Dit onderdeel wordt gebruikt om de ontvanger in staat te stellen op een vaste plaats het burgerservicenummer van de patiënt te achterhalen zonder daarvoor de inhoud van de interactie te hoeven inspecteren. Zie §3.2.1.1. |
|
CONF Het element attentionLine is voor deze interactie niet toegestaan. |
|||||
|
Element: attentionLine |
|||||
|
Subelement |
DT |
# |
C |
LBA |
Omschrijving |
|
value |
II |
1..1 |
M |
|
Identificatie van de primaire patiënt in de payload van de interactie. |
|
CONF Het burgerservicenummer van de patiënt in het element attentionLine/value moet overeenkomen met het burgerservicenummer van de patiënt in het element PrimaryCareProvision/subject/patient.id |
|||||
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care Locum Report NL
Antwoord, opgesteld door de applicatie van de waarnemer.
Samenstelling interactie
|
|
HL7v3 gestructureerde naam |
HL7v3 naam |
|
Trigger Event |
Primary Care Locum Report |
|
|
Transmission Wrapper |
Send Message Payload |
|
|
Control Act Wrapper |
Trigger Event Control Act |
|
|
Message Type |
Zendende en ontvangende rollen
|
|
HL7v3 gestructureerde naam |
HL7v3 naam |
|
Sender |
Primary Care EHR Extract Query Placer |
|
|
Receiver |
Primary Care EHR Extract Query Response Provider |
Verantwoordelijkheden ontvanger
|
Reason |
Trigger Event |
HL7v3 interactienaam |
|
Ontvangstbevestiging |
Zie [HL7v3 IH Wrp] voor de generieke implementatierichtlijnen. Voor enkele elementen geldt een specifieke implementatierichtlijn. Deze wordt hieronder beschreven.
|
Element: AssignedDevice |
|||||
|
Pad: ControlActProcess/authorOrPerformer/participant/ |
|||||
|
Subelement |
DT |
# |
C |
LBA |
Omschrijving |
|
acceptAckCode |
CS |
1..1 |
M |
|
Dit onderdeel wordt gebruikt om aan te geven of de zender van de interactie een ontvangstbevestiging wil ontvangen. |
|
CONF @code moet de waarde “AL” bevatten |
|||||
|
attentionLine |
|
1..1 |
NP |
|
Dit onderdeel wordt gebruikt om de ontvanger in staat te stellen op een vaste plaats het burgerservicenummer van de patiënt te achterhalen zonder daarvoor de inhoud van de interactie te hoeven inspecteren. Zie §3.3.1.1. |
|
CONF Het element attentionLine is voor deze interactie niet toegestaan. |
|||||
|
Element: attentionLine |
|||||
|
Subelement |
DT |
# |
C |
LBA |
Omschrijving |
|
value |
II |
1..1 |
M |
|
Identificatie van de primaire patiënt in de payload van de interactie |
|
CONF Het burgerservicenummer van de patiënt in het element attentionLine/value moet overeenkomen met het burgerservicenummer van de patiënt in het element PrimaryCareProvision/subject/patient.id |
|||||
Applicatierol wordt vervuld door het deelsysteem conform de systeemrol beschreven in [Ontw Hwg].
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract Query Placer
Deze applicatierol heeft betrekking op het waarnemend huisartssysteem (WHS). Om deze rol te kunnen vervullen moeten de volgende interacties worden ondersteund:
· Opvragen PS.
· Ontvangen en verwerken van de PS.
Tabel 3 Overzicht interacties voor de applicatierol QUPC_AR990001NL
|
# |
Logische berichtnaam |
HL7v3 gestructureerde interactienaam |
HL7v3 interactienaam |
Zender/ ontvanger |
|
1 |
Opvragen-PS |
Primary Care EHR Extract Query |
zender |
|
|
2 |
PS-bericht |
Primary Care EHR Extract NL |
ontvanger |
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract Query Response Provider
De rol wordt vervuld door het vaste huisartssysteem (VHS) of WHS. Om deze rol te kunnen vervullen moeten de volgende interacties worden ondersteund:
· Ontvangen en verwerken van verzoek om een PS.
· Verzenden van de PS.
Tabel 4 Overzicht interacties voor de applicatierol QUPC_AR990002NL
|
# |
Logische berichtnaam |
HL7v3 gestructureerde interactienaam |
HL7v3 interactienaam |
Zender/ ontvanger |
|
1 |
Opvragen-PS |
Primary Care EHR Extract Query |
ontvanger |
|
|
2 |
PS-bericht |
Primary Care EHR Extract NL |
zender |
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care Locum Report Sender
Deze applicatierol heeft betrekking op WHS. Om deze rol te kunnen vervullen moeten de volgende interacties worden ondersteund:
· Verzenden WV naar het systeem van de vaste huisarts.
Tabel 5 Overzicht interacties voor de applicatierol REPC_AR990001NL
|
# |
Logische berichtnaam |
HL7v3 gestructureerde interactienaam |
HL7v3 interactienaam |
Zender/ ontvanger |
|
3 |
Waarneembericht |
Primary Care Locum Report NL |
zender |
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care Locum Report Receiver
De rol wordt vervuld door het VHS. Om deze rol te kunnen vervullen moeten de volgende interacties worden ondersteund:
· Ontvangen en verwerken van een Waarneembericht (inclusief ontvangstbevestiging (MCCI_IN000002)).
Tabel 6 Overzicht interacties voor de applicatierol REPC_AR990002NL
|
# |
Logische berichtnaam |
HL7v3 gestructureerde interactienaam |
HL7v3 interactienaam |
Zender/ ontvanger |
|
3 |
Waarneembericht |
Primary Care Locum Report NL |
ontvanger |
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract Query
HL7V3 type: gebruikergebaseerd
De trigger voor de aanvraag van een PS is het contact van een patiënt met de waarnemer.
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care EHR Extract Query Response
HL7V3 type: interactiegebaseerd
De trigger voor het versturen van de PS is de query (§3.1 Interactie QUPC_IN990001NL).
HL7v3 gestructureerde naam: Primary Care Locum Report
HL7V3 type: gebruikergebaseerd
De trigger voor het versturen van het waarneembericht is het afsluiten van het waarneemcontact.
Tabel 7 Referenties
|
Referentie |
Document |
Versie |
|
Implementatiehandleiding HL7v3 basiscomponenten |
2.2 |
|
|
6.10.0.1 |
||
|
HL7v3-domeinspecificatie Primary Care |
6.10.0.0 |
|
|
6.11.0.0 |
||
|
6.11.0.0 |
||
|
Richtlijn Gegevensuitwisseling huisarts en Centrale Huisartsenpost (CHP) |
v3, 24 juli 2008 |
|
|
6.10.0.1 |
Bijlage B Overzicht interacties
Het overzicht van de toepassingspecifieke interacties die betrekking hebben op de gegevensuitwisseling zoals beschreven in het ontwerp [Ontw Hwg] is in de onderstaande tabel beschreven.
Tabel 8 Overzicht interacties
|
# |
Logische bericht naam |
HL7v3 interactienaam
|
Gestructureerde naam |
Zendende applicatierol
|
|
1 |
Opvragen-PS |
Primary Care EHR Extract Query |
Primary Care EHR Extract Query Placer |
|
|
2 |
PS-bericht |
Primary Care EHR Extract NL |
Primary Care EHR Extract Query Response Provider |
|
|
3 |
Waarneembericht |
Primary Care Locum Report NL |
Primary Care EHR Extract Query Placer |
Bijlage C Overzicht gebruikte vocabulaire
Geen.
Bijlage D Overzicht gebruikte OID’s
Tabel 9 Overzicht toepassingspecifieke OID’s
|
OID |
Beheerder |
Nederlandse omschrijving |
|
Nictiz |
OID root voor applicatieId’s op de AORTA |
|
|
UZI Nummer personen |
||
|
Ministerie VWS |
Burgerservicenummer |
|
|
ActCode |
Bijlage E Overzicht toepassingspecifieke wsdl’s
Deze bijlage bevat de voor deze toepassing benodigde web service definities (wsdl’s). Tabel 10 geeft enkele kerngegevens van de wsdl weer. Met behulp van deze tabel worden de wsdl’s gegenereerd.
Tabel 11 en Tabel 12 geven een overzicht van aanroepende en aanbiedende applicatierollen en de bijbehorende wsdl(’s). Deze tabellen zijn hulpmiddelen voor de systeemontwikkelaars van XIS’en en de ZIM die bepaalde applicatierollen willen implementeren. Voor de beschrijving van de wsdl AanmeldenGegevens wordt verwezen naar [HL7v3 IH VWI].
Tabel 10. Overzicht toepassingspecifieke wsdl’s
|
WSDL / Service |
Versie |
Operation |
Initiërend |
Reagerend |
Input |
Output |
|
Waarneembericht |
01 |
Versturen |
GBZ |
GBZ via ZIM |
||
|
Waarneembericht |
01 |
QueryResponse |
ZIM |
GBZ |
||
|
Waarneembericht (batch) |
01 |
QueryResponse |
GBZ |
ZIM |
Tabel 11. Overzicht toepassingspecifieke wsdl’s per ontvangende applicatierol
|
Server |
Systeem |
WSDL |
|
|
Bronsysteem patiëntgegevens |
GBZ |
Waarneembericht.wsdl |
|
|
GBZ |
Waarneembericht.wsdl |
||
|
ZIM |
Waarneembericht.wsdl |
||
|
ZIM |
Waarneembericht.wsdl |
||
Tabel 12. Overzicht toepassingspecifieke wsdl’s per zendende applicatierol
|
Client |
Systeem |
WSDL |
|
|
Patiëntgegevensraadplegend systeem |
GBZ
|
Waarneembericht.wsdl |
|
|
Waarneembericht.wsdl |
|||
|
ZIM
|
Waarneembericht.wsdl |
||
|
Waarneembericht.wsdl |
|||
Voorbeelden zijn opgenomen in de domeingids [HL7v3 DS Primary Care].