Nieuws

Inzet applicaties en infrastructuur wijkverpleging naar hoger niveau

14/11/2019
De wijkverpleging wordt de komende jaren geconfronteerd met een aantal uitdagingen: een toename van de complexe (samenhangende) zorgvraag, een gemiddeld kortere ligduur in het ziekenhuis en mensen wonen langer zelfstandig thuis. Daardoor is coördinatie en afstemming met de wijkverpleging steeds belangrijker. Om de juiste zorg op de juiste plek te kunnen bieden en continueren, is goede informatie-uitwisseling essentieel. In een zorgveld dat in toenemende mate digitaliseert, is het op orde brengen van IT-infrastructuur en een optimaal gebruik van applicaties in de wijkverpleging essentieel. Om de wijkverpleging hierin te ondersteunen, publiceert Nictiz vandaag het rapport ‘De inzet van applicatie(s) en infrastructuur in de wijkverpleging.’

In navolging van het rapport ‘Op weg naar betere informatie-uitwisseling in de langdurige zorg’ en in het kader van de uitvoering van afspraken uit het Hoofdlijnenakkoord Wijkverpleging 2019-2022 heeft Nictiz in overleg met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een verdiepend onderzoek gedaan naar de infrastructuur en applicaties in de wijkverpleging. In het onderzoek is een onderscheid gemaakt tussen de huidige situatie en de gewenste situatie. De resultaten van het onderzoek, inclusief twaalf aanbevelingen, zijn gepubliceerd in het rapport ‘De inzet van applicatie(s) en infrastructuur in de wijkverpleging’.

Digitalisering wijkverpleging kent nog diverse uitdagingen

Uit het onderzoek komt naar voren dat diverse (e-health)applicaties worden ingezet naast het ECD. De inzet van applicaties in de wijkverpleging kan in de praktijk nog vaker naar gerichte beleidsvoering in de zorginstelling worden vertaald. Dat betekent dat het applicatievraagstuk op het juiste moment op de juiste tafel moet worden besproken. De besluitvorming om applicaties in te zetten kan zowel top-down (vanuit het bestuur of informatiemanager) als bottom-up (vanuit de zorgpraktijk) plaatsvinden. Belangrijke uitgangspunten bij het succesvol inzetten van applicaties in de wijkverpleging hangen onder andere samen met de benadering van digitalisering, het schrappen van legacy-systemen en het eerst kleinschalig implementeren van applicaties.
De wijkverpleegkundige wisselt met diverse zorgprofessionals informatie uit. Dat gebeurt momenteel nog vooral telefonisch, via chat of e-mail. In de praktijk komt het regelmatig voor dat er helemaal geen informatie-uitwisseling van of naar de wijkverpleegkundige plaatsvindt. Om in de toekomst over een landelijk dekkende IT-infrastructuur te kunnen beschikken die aansluit bij de dynamiek van de wijkverpleging, is er specifiek voor de wijkverpleging een aantal voorzieningen die een nadere analyse en uitwerking vragen. Bijvoorbeeld: identificatie, authenticatie, autorisatie en toestemming.

Digitalisering: niet alleen een technische aangelegenheid

Lisanne van der Molen: “Het verder digitaliseren van de wijkverpleging is zeker niet alleen een technische aangelegenheid. Alhoewel het hebben van de juiste applicaties en een digitale infrastructuur essentieel is in het kader van bijvoorbeeld informatie-uitwisseling, betekent digitalisering in de praktijk ook een organisatieverandering. Het vereist vaak aanpassingen in het beleid van zorgorganisaties en een zorgvuldige analyse op werk- en zorgprocessen.”

Twaalf aanbevelingen

Om de wijkverpleging verder te ondersteunen bij het digitale werken, geeft Nictiz in het rapport ‘De inzet van applicatie(s) en infrastructuur in de wijkverpleging’ twaalf aanbevelingen. De aanbevelingen volgen het interoperabiliteitsmodel en hebben betrekking op beleid, proces, informatie, applicatie en infrastructuur. Het verdiepend onderzoek naar de stand van zaken met betrekking tot applicaties en infrastructuur in de wijkverpleging heeft aangetoond dat een verbetering van de huidige situatie bestaat uit een samenspel van activiteiten.
1. Agendeer digitalisering op de juiste tafel;
2. Richt leveranciersmanagement in;
3. Inventariseer, werk uit en optimaliseer de processen in de wijkverpleging;
4. Inventariseer de informatiebehoefte van de wijkverpleging in relatie tot ketenpartners en (her)gebruik zibs en (informatie)standaarden;
5. Deel ervaringen over de inzet van (e-health)applicaties in de wijkverpleging;
6. Maak een overzicht van het gebruik van (e-health)applicaties in de zorginstelling;
7. Zorg voor koppelingen tussen losse (e-health)applicaties;
8. Richt een centrale app-store in voor (wijk)verpleegkundigen;
9. Een landelijke oplossing voor het vraagstuk infrastructuur is noodzakelijk;
10. Regie op het vraagstuk infrastructuur is noodzakelijk;
11. Denk als sector mee over de vereisten voor voorzieningen voor een infrastructuur;
12. Bespreek met ICT-leveranciers de wens en noodzaak van koppelingen en het voldoen aan afspraken met betrekking tot infrastructuur.

Meer informatie

Download hier het rapport ‘De inzet van applicatie(s) en infrastructuur in de wijkverpleging’
Voor vragen kunt u contact opnemen met Lisanne van der Molen, productmanager Langdurige Zorg/GGZ